Picasso of jazz.
26 mei | Geboortedag van Miles Davis (1926–1991), een van de grootste muzikanten uit de geschiedenis van de jazz en de twintigste-eeuwse muziek. In zijn vijftig jarige carrière doorliep hij meerdere muzikale revoluties: bebop, cool jazz, hard bop, modaal jazz en jazz fusion. Telkens opnieuw heruitvond Miles Davis zichzelf, altijd één stap voor op zijn tijd. Verderop in deze blog zijn biografie. De digitale bewerking van zijn portret en de tijdloze verjaardagskalenders met 366 Wereld Beroemde Muzikanten en die met 366 Legendary people zijn, made by me, Frieke van Thiel
Vroege jaren en achtergrond (1926–1944)
Miles Dewey Davis III groeide op in East St. Louis, Missouri, in een welgesteld Afro-Amerikaans gezin. Zijn vader, Miles Henry Davis, was een succesvol tandarts. Zijn moeder, Cleota Mae Davis, was pianiste en wilde dat hij viool zou leren spelen. Voor zijn dertiende verjaardag kreeg hij echter van zijn vader een trompet — het instrument dat de rest van zijn leven zou bepalen.
Jonge Miles kreeg lessen van lokale jazzmusicus Elwood Buchanan, die hem aandrong geen vibrato te gebruiken. Dat advies beïnvloedde zijn hele carrière en droeg bij aan zijn kenmerkende, heldere toon. Davis speelde al op vijftienjarige leeftijd met jazzbands in de omgeving van St. Louis. Toen het legendarische orkest van Billy Eckstine in 1944 East St. Louis aandeed, ontmoette de zeventienjarige Miles voor het eerst Dizzy Gillespie en Charlie Parker. Die ontmoeting veranderde alles.
New York en de bebop-revolutie (1944–1948)
In 1944 trok Miles Davis naar New York om te studeren aan de Juilliard School of Music. In de praktijk leerde hij echter meer op de jazzpodia van Harlem dan in de lesbanken van Juilliard. Al snel speelde hij naast Charlie ‘Bird’ Parker in de avantgardistische bebop-scene van 52nd Street. De bebop was een radicale vernieuwing: razendsnelle tempi, complexe harmonieën en een nadruk op improvisatie.
Tussen 1945 en 1948 nam Davis meerdere platen op met Charlie Parker, waaronder de beroemde Savoy- en Dial-opnamen — vandaag de dag essentieel referentiemateriaal voor elke jazzstudent.
Birth of the Cool en de opkomst van cool jazz (1948–1950)
In 1948 vormde Davis een nonet met onder meer Gerry Mulligan, J.J. Johnson, Kenny Clarke en Lee Konitz. De groep was van korte duur, maar nam een dozijn nummers op die werden verzameld in het album Birth of the Cool (Capitol, 1957) — het album dat het cool jazz-genre definieerde. Arrangeurs als Gil Evans, Gerry Mulligan en John Lewis leverden baanbrekende bijdragen.
“Don’t play what’s there, play what’s not there.” — Miles Davis
Birth of the Cool wordt beschouwd als het begin van de cool jazz, een stroming die bijzonder populair werd aan de Amerikaanse westkust en in Europa.
Drugsverslaving en de Prestige-periode (1950–1959)
De vroege jaren vijftig waren moeilijk voor Davis. Hij raakte verslaafd aan heroïne, wat zijn carrière ernstig schaadde. Toch slaagde hij er in deze periode in om albums op te nemen die tot zijn allerbeste behoren. Pas in 1954, tijdens een verblijf bij zijn vader in East St. Louis, ontwende hij zichzelf door pure wilskracht. Het was een keerpunt.
Daarna maakte hij de overstap naar hard bop met zijn First Great Quintet: John Coltrane op tenorsaxofoon, Red Garland op piano, Paul Chambers op contrabas en Philly Joe Jones op drums. De albums Walkin’, ‘Round About Midnight, Workin’, Steamin’, Relaxin’ en Milestones behoren tot de klassiekers van de hardbop. Tegelijkertijd werkte Davis intensief samen met arrangeur Gil Evans aan de orkestrale meesterwerken Miles Ahead (1957), Porgy and Bess (1958) en Sketches of Spain (1960).
Kind of Blue: het bestseller-album van de jazz (1959)
Op 2 en 22 maart 1959 namen Miles Davis, John Coltrane, Cannonball Adderley, Bill Evans, Wynton Kelly, Paul Chambers en Jimmy Cobb in slechts twee sessies Kind of Blue op. Het album perfectioneerde het modale jazz-concept — improvisatie op basis van toonladders in plaats van complexe akkoordenwisselingen — en werd het best verkochte jazzalbum aller tijden. Tracks als ‘So What’, ‘Freddie Freeloader’ en ‘All Blues’ behoren tot de meest beluisterde composities in de jazzcanon.
🎥 Live: So What — Festival Mondial du Jazz Antibes, 1963
Het tweede grote kwintet (1964–1968)
In 1964 formeerde Davis zijn Second Great Quintet: Wayne Shorter op tenorsaxofoon, Herbie Hancock op piano, Ron Carter op contrabas en Tony Williams op drums. Dit kwintet wordt door velen beschouwd als de beste kleine jazzband ooit. Hun onderlinge telepathie — gebouwd op wat muziecologen ‘time, no changes’ noemen — resulteerde in vier baanbrekende albums: E.S.P. (1965), Miles Smiles (1967), Nefertiti (1967) en Filles de Kilimanjaro (1968). Live at the Plugged Nickel geldt als een van de meest adembenemende live-registraties in de jazzgeschiedenis.
🎥 Live: Autumn Leaves — Salle Pleyel, Parijs, 1 oktober 1964
🎥 Live: My Funny Valentine — Philharmonic Hall, New York, 1964
In a Silent Way en Bitches Brew — de geboorte van jazz fusion (1969–1970)
Na de albums Miles in the Sky en Filles de Kilimanjaro (1968) begon Davis te experimenteren met elektrische instrumenten. In a Silent Way (1969) wordt beschouwd als het baanbrekende album van de jazzfusionbeweging. Maar het waren de sessies die uitliepen op het dubbelalbum Bitches Brew (1970) die de muziekwereld het meest schokten: bijna anderhalf uur vol elektrisch getinte klanken, free jazz-elementen, rockgrooves en Afrikaanse ritmische patronen. Davis speelde op festivals als Woodstock en Isle of Wight. Andere hoogtepunten uit deze periode zijn Live-Evil en de filmsoundtrack A Tribute to Jack Johnson.
“Man, sometimes it takes you a long time to sound like yourself.” — Miles Davis
🎥 Bitches Brew — volledig album (officieel)
Auto-ongeluk, afzondering en comeback (1972–1991)
In 1972 raakte Davis ernstig gewond bij een auto-ongeluk. Gecombineerd met chronische heuppijn en drugsgebruik leidde dit in 1975 tot een volledig terugtrekken uit de openbaarheid. Vijf jaar lang was er niets van hem te horen. Pas in 1981 keerde hij terug met het album The Man with the Horn. In de jaren tachtig omarmde hij popmuziek, funk en hiphop — hij werkte samen met Prince, Marcus Miller en Scritti Politti — en schiep albums als We Want Miles (1982), Tutu (1986) en Aura (1989). Davis won in deze periode meerdere Grammy Awards.
In 1989 publiceerde Davis zijn autobiografie Miles: The Autobiography, geschreven in samenwerking met Quincy Troupe — een diepgaand, eerlijk en vaak rauw inzicht in zijn leven en carrière.
Overlijden en nalatenschap
Op 28 september 1991 overleed Miles Davis in Santa Monica aan de gevolgen van een longontsteking en een beroerte. De avond ervoor had hij nog opgetreden in Hollywood. Zijn laatste album, Doo-Bop (1992), werd postuum uitgebracht. Samen met Louis Armstrong, Duke Ellington en Charlie Parker wordt Davis beschouwd als een van de vier belangrijkste en meest invloedrijke musici in de jazzgeschiedenis.
Zijn bereidheid om steeds te veranderen, zijn weigering te stagneren en zijn onvoorwaardelijke toewijding aan het nieuwe — dat is wat hem apart zet van vrijwel alle andere artiesten van de twintigste eeuw.
Miles Davis vereeuwigd in beeld
Niki de Saint Phalle vereeuwigde Davis in een monumentale mozaïeksculptuur (1999), onderdeel van haar serie Black Heroes. Het werk staat vóór het belle-époque-hotel Negresco aan de Promenade des Anglais in Nice en werd in 2002 door het hotel aangekocht. Ook staat er een beeld van Davis in de Poolse stad Kielce, gemaakt door beeldhouwer Adam Myjak.
Essentiële discografie met YouTube-links
Hieronder de belangrijkste albums van Miles Davis, elk met een directe link naar YouTube.
Birth of the Cool (Capitol, 1957)
Het fundament van cool jazz — lyrisch, bedachtzaam en revolutionair.
► Birth of the Cool — volledige studio-opname — Capitol Records
Kind of Blue (Columbia, 1959)
Het meest invloedrijke jazzalbum ooit. Vijf tracks, eindeloos diep.
► Kind of Blue — volledig album (officieel) — Columbia/Legacy
► So What — Live at Festival Mondial du Jazz Antibes, 1963 — live optreden
Sketches of Spain (Columbia, 1960)
Orkestrale jazz op zijn mooiste, met Gil Evans.
► Sketches of Spain — uit The Miles Davis Story
My Funny Valentine — Live (Columbia, 1965)
Een van de mooiste live-opnames ooit, Philharmonic Hall New York (1964).
► My Funny Valentine — Live, New York 1964 — officieel Columbia/Legacy
► My Funny Valentine — Live, Tokyo 1964 — officieel Columbia/Legacy
Autumn Leaves — Live in Parijs (1964)
Het Second Great Quintet op zijn allerbest.
► Autumn Leaves — Live at Salle Pleyel, Parijs, 1 oktober 1964 — officieel Columbia/Legacy
In a Silent Way (Columbia, 1969)
De stille elektrische revolutie: jazz ontmoet ambient.
► In a Silent Way — volledig album — Columbia Records
Bitches Brew (Columbia, 1970)
Het meest schokkende dubbelalbum uit de jazzgeschiedenis — fusion op zijn radicaalst.
► Bitches Brew — volledig album — Columbia/Legacy
Cadeau-tip
De digitale edit, van het portret van Miles Davis, kun je bij me bestellen als print: poster, canvas of dibond. Kies een formaat en eventueel een kleur die in je interieur past — een mooi cadeau voor een jazz liefhebber, of voor jezelf (dat mag ook).
Vanaf €35. Stuur me een berichtje via [contact] en we maken er iets moois van. Op verzoek maak ik een mockup, zodat je kunt zien hoe het bij jou aan de muur staat.
